Koninklijk Pakhuis

   Het Koninklijk Pakhuis werd tussen 1904 en 1906 gebouwd op basis van een ontwerp van architect Van Humbeek. 
Het was bedoeld voor de langdurige opslag van goederen, onder toezicht van de overheid. 

Het is een fraai voorbeeld van functionele architectuur en zodra u het terrein opkomt trekt het uw aandacht met zijn indrukwekkende gevels. Zalmkleurige baksteen en blauwe hardsteen wisselen elkaar af.

Op de centrale voorgevel ziet u de wapenschilden van Belgische steden en provincies onder het wakend oog van Mercurius, god van de handel.

Om het uitzonderlijk historisch belang van dit gebouw te vrijwaren werd de restauratie toevertrouwd aan het zeer ervaren architectenbureau ARCHI2000 en aan Jan Van Lierde.
Het resultaat is verbluffend.

Onder het glazen dak baden de centrale Binnenstraat (180m), de galerijen en de kantoren erachter (samen 57.000 m²) in zacht daglicht. De oude spoorweg loopt een meter lager nog altijd onder de nieuwe vloer, zichtbaar door de glastegels onder uw voeten.

Daarrond heten designwinkels, restaurants en diensten de mensen die er werken en bezoekers welkom net als de gratis culturele evenementen die er regelmatig plaatsvinden.

Want terwijl de bezoeker winkelt, werken rondom hem meer dan 1200 mensen in het Koninklijk Pakhuis.
De loges op de vier verdiepingen zijn omgebouwd tot kantoren waar een 40-tal bedrijven onderdak vonden.

Dankzij haar nieuwe multifunctionele roeping in combinatie met haar duurzame architecturale rijkdom doet het Koninklijk Pakhuis Brussel ten noorden van het Kanaal herleven.